Componeren

Producing

Dit keer geen groepsopdracht voor muziek, maar je gaat in je eentje een stukje muziek componeren. Dat betekent dat je het helemaal zelf gaat verzinnen, dus niet een bestaand lied veranderen of coveren. Dit stukje muziek mag een klein stukje lied zijn, dus met gezongen tekst, of instrumentaal. Het gaat er bij de opdracht om, dat je de verticale opbouw van de muziek snapt, en je dus de vier muzikale lagen er in verwerkt.

Deadline: 15 juni

Muzikale lagen

Muziek bestaat uit verschillende lagen. Globaal gezien hebben veel nummers 4 lagen:

  • 1. Melodielaag; de melodielaag is vaak de ‘solo,’ of het stukje dat je in je hoofd houd. Denk bijv. aan de zangpartij of een gitaar- of pianomelodie.

  • 2. Akkoordenlaag; de akkoordenlaag zorgt vaak voor de opvulling. Denk aan een slagje op de gitaar dat steeds doorgaat, of strijkers. Let op!, een akkoord bestaat altijd uit 3 of meer tonen.

  • 3. Baslaag; de baslaag is onmisbaar in een muziekstuk. Deze baslaag wordt als er geen basinstrument (bijvoorbeeld basgitaar of contrabas) in het nummer wordt gebruikt ook vaak meegespeeld op de lage tonen van een ander instrument zoals gitaar of piano.

  • 4. Ritmelaag; deze laag wordt vaak gespeeld door drums of percussie. Niet alle nummers hebben een ritmelaag.

Kijk eens naar dit filmpje waarin ook de vier lagen aanwezig zijn, luister goed naar de opbouw:

Instrument: laag:

  • Hij begint met een beat ritme

  • Dan piano + synth akkoorden

  • Dan bas bas

  • vervolgens de hoofd zang Melodie

  • als laatste een koortje (ook akkoorden)

De opdracht:

Je kiest één van de drie onderstaande opties. Lees de opdrachten goed door voordat je begint! Op Google Classroom is een inleverpunt. Veel succes en natuurlijk veel plezier.

Optie 1. Computer - goed te doen

  1. Voor deze opdracht werken we met Bandlab. Dit is een online programma waarmee je makkelijk zelf een nummer kan maken. Ben je echter al bekend met andere programma's als bijvoorbeeld soundation, fl studio of garageband dan mag je die ook gebruiken. Let dan wel op dat je een eigen laptop of ipad mee naar school moet nemen, want deze programma's kunnen niet draaien op de chromebooks.

  2. Maak mimaal vier sporen aan: melodie, akkoorden, bas en ritme

  3. Componeer een toffe track aan de hand van het combineren van bestaande loops

  4. Sla je werk op en lever projectbestand én geluidsbestand (bv .mp3 of .wav) in via het inleverpunt op classroom.

Eisen:

  • Het stuk moet een op- en afbouw hebben en er is afwisseling te horen.

  • Het stuk duurt 1 tot 3 minuten.

  • je moet minimaal een ritme, een bas, een melodie, en een akkoordenlaag hebben.

Tips:

  • Zorg dat de verschillende loops die je kiest bijvoorbeeld in Soundation, bij elkaar passen. DUS DE BPM EN DE TOONSOORT!

  • Als je Chrome gebruikt, kun je in ook zoeken op toonsoort, bijvoorbeeld Am (a mineur). Je vindt dan automatisch alleen loops in die toonsoort, dus weet je zeker dat ze qua toonhoogte bij elkaar passen!

  • Op die manier kun je ook zoeken op bpm!

  • Er zijn veel tutorials te vinden op YouTube of in het programma dat je gebruikt.

Tussentijdse feedback

  • Tijdens lestijden kan je aan medeleerlingen vragen om feedback op wat jullie tot nu toe hebben gemaakt. Dat kan door het bestand op te slaan als mp3 file en deze bestanden te delen met elkaar.

  • Het bestand opslaan als .Mp3 noemen we ook wel exporteren. Dit staat links bovenin bij File --> Export, vervolgens kun je kiezen voor .mp3. Dan zal het bestand automatisch worden gedownload.

Optie 2. Computer - gevorderd

  1. Voor deze opdracht werken we met Bandlab. Dit is een online programma waarmee je makkelijk zelf een nummer kan maken. Ben je echter al bekend met andere programma's als bijvoorbeeld soundation, fl studio of garageband dan mag je die ook gebruiken. Let dan wel op dat je een eigen laptop of ipad mee naar school moet nemen, want deze programma's kunnen niet draaien op de chromebooks.

  2. Maak mimaal vier sporen aan: melodie, akkoorden, bas en ritme

  3. Componeer een toffe track aan de hand van het combineren van het zelf inspelen/instellen van de instrumenten. Dit kan aan de hand van de keyboards en met midikeyboards.

  4. Sla je werk op en lever projectbestand én geluidsbestand (bv .mp3 of .wav) in via het inleverpunt op classroom.

Eisen:

  • Het stuk moet een op- en afbouw hebben en er is afwisseling te horen.

  • Het stuk duurt 1 tot 3 minuten.

  • je moet minimaal een ritme, een bas, een melodie, en een akkoordenlaag hebben.

Tips:

  • Gebruik niet te lastige akkoorden, en zorg dat de basnoten bij de akkoorden passen. Een uitleg over akkoorden kan je op deze pagina van jaar 2 vinden.

  • Ga op zoek naar maximaal 4 akkoorden en blijf deze loopen!

  • Werk in blokjes van 4 of 8 maten (dit is standaard en zorgt voor regelmatigheid)

  • Er zijn veel tutorials te vinden op YouTube of in het programma dat je gebruikt.

Tussentijdse feedback

  • Tijdens lestijden kan je aan medeleerlingen vragen om feedback op wat jullie tot nu toe hebben gemaakt. Dat kan door het bestand op te slaan als mp3 file en deze bestanden te delen met elkaar.

  • Het bestand opslaan als .Mp3 noemen we ook wel exporteren. Dit staat links bovenin bij File --> Export, vervolgens kun je kiezen voor .mp3. Dan zal het bestand automatisch worden gedownload.

3. Instrumenten/Zang - nog een stapje Moeilijker

Componeer in je eentje een stukje muziek met je stem, instrument(en) of een combinatie. Dit moet je dus wel thuis hebben liggen. Heb je geen instrumenten thuis. Ga dan voor optie 1. Neem de verschillende partijen op, bijvoorbeeld in garageband (iPad, iphone of Mac). Maar het makkelijkste is om de app "Acapella Maker" te gebruiken, waarbij je verschillende partijen over elkaar heen kan opnemen. (gratis versie kan max. 1 minuut opnemen, maar dat is genoeg)

Zorg dat je eerst uitprobeert of je kunt opnemen, of je gekozen app werkt etc. Eerst een beetje experimenteren dus!

  • Melodielaag: bijvoorbeeld zang, fluit of het spelen van de melodie op piano of gitaar.

  • Akkoordenlaag: bijvoorbeeld akkoorden op gitaar of piano, of je kunt drie lange noten tegelijk zingen, dan zing je een akkoord!

  • Baslaag: bijvoorbeeld basgitaar (op een gitaar kun je ook baspartijen maken of spelen, de laagste 4 snaren zijn hetzelfde als bij een basgitaar,) of linkerhand op de piano, of lage noten zingen.

  • Ritmelaag: bijvoorbeeld een partij op een drumstel, cajon, bongo’s of body percussion of natuurlijk beatboxen. Ook kun je bv in accapella maker extra lagen (video's) invoegen, waarbij je met voorwerpen die je in huis hebt bv potten en pannen een ritme maakt.

Eisen:

  • Het stuk moet een op- en afbouw hebben.

  • Je moet minimaal een ritme, een bas, een melodie, en een akkoordenlaag hebben.

Tip: Maak een stukje van een paar maten dat je vaak kunt herhalen. Maakt het dus niet te lastig/te groot. Heel veel popliedjes bestaan bijvoorbeeld maar uit 4 akkoorden die de hele tijd worden herhaald. Maar ook twee verschillende akkoorden kan al genoeg zijn. Als je nog niet zoveel ervaring hebt met het spelen op instrumenten of je vind het moeilijk om een begin te maken kun je ervoor kiezen een paar van de volgende akkoorden en noten te gebruiken. Kies zelf welke noten & akkoorden je wilt gebruiken en in welke volgorde!

  • Melodie & bas laag: kies uit de noten C, D, E, F, G, A, B

  • Akkoordenlaag: kies uit de akkoorden C, Dm, F, G, Am (zo zoek je op hoe je de akkoorden speelt: Google – afbeeldingen – typ in: ‘chord + het akkoord dat je wilt leren + guitar of piano’)

Goed om te weten:

Als je een akkoord hebt verzonnen, hoe maak je dan een bas erbij?

  • Dat kan je misschien wel op je gehoor, zonder nadenken. Klinkt het goed?

  • Is dat lastiger, dan kijk je naar de onderste noot van het akkoord. Die klinkt waarschijnlijk heel fijn als basnoot, als je hem lager speelt.

  • Als je weet hoe het akkoord heet dat je speelt, kun je de eerste letter van het akkoord overnemen als basnoot.